Gerrit Rietveld Academie: Tessel Schole



In het werk van Tessel Schole staat de mens en zijn leefomgeving centraal. Zij zoekt haar onderwerpen in haar directe omgeving. De aanleiding voor de film KIJK was het plotselinge zichtverlies van haar grootvader, dat zich van het ene op het andere moment openbaarde. Het idee dat dit iedereen kan overkomen, raakte haar. Zij zocht contact met zienden, slechtzienden en niet zienden. Op het moment van de ontmoeting gaf zij hen de vrijheid om haar alles of juist niets te vertellen over hun zicht. Het gaf haar een inzicht in de wijze waarop deze handicap een plaats in hun leven inneemt. Zo leerde zij de ander goed kennen. Er ontstond een samenwerking die heel vriendschappelijk voelde. De vertrouwelijke band die Schole creëerde met haar protagonisten, maakte de camera in zekere zin onzichtbaar, waardoor ze dicht op de huid kon filmen.  

Tijdens haar studie aan de Gerrit Rietveld Academie en in Art & Research, het samenwerkingsproject tussen een selectie van studenten van de Gerrit Rietveld Academie en de Universiteit van Amsterdam, heeft Tessel Schole zich veel bezig gehouden met de zintuigen. Er ontstond een mooie boog tussen het onderbewustzijn, geur en zicht.

In haar eindexamen film kiest ze voor het zicht. In eerste instantie ging de film over haar grootvader. Maar na de vele gesprekken met blinden en slechtzienden, was voor haar het ogenblik waarbij je niet meer ziet of je naar een niet-ziende of slechtziende kijkt, eigenlijk de ervaring, die het meest bij blijft. Deze bijzondere momenten wil zij tonen.

Tessel Schole heeft in deze film het bewustzijn van de waarneming willen vastleggen. De beperking van het zien is absoluut niet haar focus. Een blindgeborene benadrukte dat het ontbreken van de visuele waarneming niet als een beperking beschouwd moet worden. “Ik weet niet anders”. Dit uitgangspunt is in de film gerespecteerd. De persoonlijke integriteit van de ander is hierbij haar richtpunt.