Het zwarte gat, over leren niets doen
Een tijdje geleden kwam er op de redactie de hulpkreet binnen van een kunststudent die bijna gaat afstuderen, maar geen onderwerp heeft. Hanne Hagenaars schreef een publiekelijk antwoord terug. Naar aanleiding van dit artikel kregen we het volgende mailtje binnen, met daarin kort: stel, je hebt wel een onderwerp, maar je valt in het o zo bekende zwarte gat? Wat moet je dan doen? Motley’s oplossing luidt:
Het eerste waar ik aan moet denken is een ingezonden brief in de Volkskrant waarin een man met de voornaam Rob zijn leven na zijn ontslag beschrijft, de krant lezen, op de fiets boodschappen doen, sporten en lezen. Kortom, hij geniet ervan. Een ongewoon, bijna onfatsoelijk geluid in deze crisistijd. Verfrissend.
Ik herinner me een lezing van de Engelse kunstenaar Rachel Whiteread, lang geleden in het van Abbemuseum. Ze vertelde toen over het jaar na de academie toen ze depressief in haar atelier rond hing en er niets uit haar vingers kwam. Wat te doen, waar te beginnen? Toen ze haar blik weer kon openen voor de buitenwereld zag ze opeens regelmatig banken en ander meubilair op dat in vreemde stapelingen aan de kant van de weg stond, te wachten tot het grof vuil het mee zou nemen. Ze toonde een fascinerende reeks beelden van dit meubilair en vertelde hoe dit haar er toe aanzette na te denken over de binnen en buitenkant de materie en over hoe simpel een sculptuur kan ontstaan. Ik was onder de indruk van haar openheid en over het feit dat de oplossing vaak om de hoek ligt. De belangrijkste les voor een kunstenaar is om te leren niets te doen, gewoon niet werken, al ben ik vergeten wie dit ooit vertelde aan zijn gehoor van kunstenaars. In deze tijd waarin werk de hogepriester van het leven is en druk druk druk haar onmisbare symbool is het promoten van niets doen een geluid dat je niet zo veel meer hoort. Leren niets doen, valt dat te leren?
Soms leidt een periode van gedwongen niets doen tot grote stappen voorwaarts in het werk. Rineke Dijkstra vertelt regelmatig over de periode van vijf maanden in bed, na een ongeluk met de fiets waarin ze vijf maanden gedwongen rust moest nemen om te herstellen. In deze tijd raakte ze in de ban van Twin Peaks, de televisieserie waarin niemand is wie hij lijkt te zijn, en de karakters allemaal een vluchtig spiritueel alter ego hebben. ‘Suddenly I could look at things differently’, zegt Dijkstra. ‘I wanted to make a picture in which there was no pose.’
In de Frieze van oktober 2012 schrijft Tom Morton over Warhol’s Canada. Morton herleest in de komkommertijd van de kunstwereld, de zomer, The Philosophy van Andy Warhol (from A to B and back again) en in hoofdstuk 10 noemt Warhol zichzelf somebody who likes ‘…working better than relaxing’ en beschrijft dan dat hij niet in Canada zou kunnen leven want daar zou de snelle harteklop van de stad missen. In de stad werken zelfs de bomen harder want die paar bomen in een park in New York maken zuurstof voor vele mensen terwijl in Canada een miljoen bomen zuurstof maken alleen voor jou. ‘In New York, you really have to hustle, and the trees know this, too, just look at them.’
In zijn bespiegeling over het nut van niets doen geeft Tom Morton voorbeelden van The Trainee van Pilvi Takala waarin ze als stagiaire een maand langt denkt als haar bijdrage aan het bedrijf waar ze stage loopt en de klerk uit Moby Dick die door droedelen tot denken komt.
Zijn advies: cultivate your legitimate strangeness, ga naar je eigen Canada. De gedwongen periode zonder werk, na een ontslag, na het afstuderen is zo’n Canada, ongemakkelijk maar bevrijdend.
Lees hier het antwoord op de vraag van de kunstenaar zonder onderwerp.