Biennal do Mercosul 3
Verbeelding! Verbeelding!
De Biënnale van Mercosul is in Brazilië een groot succes, iedereen met wie we erover spraken, ook in kunststad Sao Paulo, was lovend. Prachtige werken, een mooi, uitgebreide catalogus die ook nog op tijd af was, een gebalanceerde inrichting van de werken in mooie industriële ruimten langs de rivier. Ook de educatieve missie van de Biënnale is zichtbaar gelukt, en wel op een hele plezierige manier. Bussen vol schoolkinderen komen kijken en praten luidruchtig en aanstekelijk over de werken en de jongens en meisjes in blauwe hesjes staan voortdurend klaar om op al je vragen in te gaan.
Niets op aan te merken. De Biënnale is een mooie, samenhangende tentoonstelling. Maar er kriebelde ook iets bij mij. Terwijl de stad zo surrealistisch en gelaagd is, terwijl er op het terrein iets verderop het belangrijkste folklore festival van de regio aan de gang is, dat in z’n groteske overgave zo aansluit bij deze vreemde ongrijpbare stad, met zelfgemaakte barbecues, rodeo’s en cowboyhoeden in een zelfgebouwd pampadorp, met de verscholen plekken vol heiligenbeelden en ex voto’s, naast dat alles verbleekte de Biënnale een beetje, het was soms wat droog, journalistiek, samenvattend en opsommend. Ik miste de overrompelende kunst die je bijblijft, die de beelden van de straat overtreft. Ondanks dat er veel Zuid-Amerikaanse kunstenaars aan meedoen vraag ik me toch af of ik nu iets wijzer wordt over deze regio, het kloppend hart van de Mercosul landen?
Terwijl ik in de rauwe havenstad Porto Alegre mijn twijfel een plek probeer te geven kwam ik informatie tegen over een expositie van een andere Zuid-Amerikaanse curator Victoria Noorthoorn. De Biënnale van Lyon is net geopend en op het internet is haar missie in krachtige statements te lezen, als met spijkers tegen de deur gehamerd.
Ten eerste is ze als curator aan het werk gegaan als een kunstenaar, een auteursexpositie, in navolging van de auteursfilm. Dat doet verwachten dat het een uitgesproken expositie zal zijn. Ten tweede houdt ze een groot (warm) pleidooi voor de verbeelding. Filosofie, literatuur en theater zullen bronnen zijn maar niet in de vorm van teksten, ‘it is a performative action’.
Imagination is the primary medium of knowledge. We share each of Oscar Wilde’s famous epigrams: ‘The function of the artist is to invent, not to chronicle; The supreme pleasure in literature is to realise the non-existent, and what I am pleading for is Lying in art. This is to say, art requires a distance from the real in order to exist as such-as an artificial construction - in order to address eloquently the complexity of the real.’
De verbeelding opent nieuwe, nog onbekende mogelijkheden, te vergelijken met de manier waarop kunstenaar/ontwerper Ralph Nauta me onlangs de invloed van sciencefiction uitlegde aan de hand van een aantal concrete voorbeelden: in de sciencefiction worden voortdurend absurde ideeën geopperd die decennia later toch gewoon realiteit zijn geworden, reizen naar de maan, skypen, automatisch openende deuren. Zo ook opent kunst middels een onbegrensde verbeelding nieuwe deuren en onbekende wegen. De kunstenaars zijn ons voorbeeld. Zij kunnen mogelijkheden aanreiken die de politiek niet kan bieden, die de wetenschap niet kan deduceren, die de journalistiek niet kan verwoorden. De verbeelding kan ook de onbegrensde mogelijkheden van het leven tonen.
In de westerse kunst is deze verbeelding in het gedrang gekomen doordat de kunst in de voetsporen van de wetenschap en de journalistiek is getreden. In veel projecten dienen de stijlen en stromingen uit het verleden als bron om de kunst te herijken. Veelzeggend is dat op een afstudeertentoonstelling van het Piet Zwart Instituut een kunstenaar rondliep met een naambordje met het woord ‘researcher’ op zijn jasje gespeld. Maar wat verlang ik weer naar kunstwerken die iets onbekends creëren, waarin de verbeelding weer voluit aan de macht is. Ik kijk uit naar de Biënnale van Lyon.
Wat betreft de Biënnale van Mercosul denk ik dat de lokale insteek en de ambitie om aan te sluiten bij de internationale kunstwereld elkaar in de weg zitten. Wat mij betreft is het hoe specifieker hoe beter, hoe meer een expositie uitgaat van een eigen opvatting over de stad en de regio hoe beter. Dat maakt de herkenning voor de bewoners van de stad en regio groter (en dat past mooi bij de educatieve doelstelling van deze biënnale), en dat maakt het interessant voor iedereen die van buiten Mercosul komt kijken naar de tentoonstelling. En dan zal de verbeelding onvermijdelijk de hoofdrol krijgen.












