De voorkeur van Lex ter Braak, in korte notities

Regelmatig vinden in het Parool Theater gesprekken plaats met beeldend kunstenaars over de bronnen van hun werk of met theoretici over hun persoonlijke voorkeuren in de kunst. Michiel van Nieuwkerk is gastheer en stelt open en nieuwsgierige vragen waardoor regelmatig ongewoon inzichtelijke gesprekken ontstaan. Onlangs was Lex ter Braak (directeur van het Fonds voor Beeldende Kunst Vormgeving en Bouwkunst) te gast en ik was erg benieuwd naar zijn voorkeuren in de kunst. Het gesprek, aan de hand van beelden, beloofde, zoals Michiel het aankondigde een wandeling door de kunstgeschiedenis te worden.
Wat was je eerste kunstervaring die er toe deed?
Het Joods Bruidje van Rembrandt dat als een zeer slechte kopie in het trapgat van het huis van mijn ouders hing. Het raadselachtige rode gewaad en de orchidee in de laatste fase van zijn bloei. Door het vervagen van de kleuren stak de kleur rood er opvallend boven uit.
Was cultuur belangrijk in jullie gezin?
Mijn ouders maakten muziek, er waren veel boeken aanwezig, veel eerste drukken ook van schrijvers die in de jaren vijftig en zestig belangrijk waren. Over beeldende kunstwereld niet zoveel gesproken. Ik stelde me het beroep van kunstenaar vrij ideaal voor, vooral het bepalen van je eigen dagritme, en een bepaalde manier van leven die erbij zou horen.

Bram van de Velde, de verbeelding van overvloed vanuit het niets, evenwichtig en diepte. Ik trok meer naar de schilders dan naar iemand als Andy Warhol, ik erken zijn positie maar het heeft niet mijn liefde. Ik studeerde Nederlands en literatuurwetenschappen, en heb een aantal jaren geschilderd aan de Rietveld Academie. Ik wilde weten wat een academie betekende. Later heb ik daar nog lesgegeven.
De Vlaamse primitieven. Robert Campin (1380-1444)
Ik zie het als een heel abstract schilderij, twee vlakken van het kant, het wit van het gelaat, de rode band. Een intiem portret, als ze hier in de zaal had gezeten dan hadden we met z’n allen naar haar gekeken. Schoonheid.

Een altaarstuk van Merode
Het laat het dagelijks leven zien, in een religieus werk; de realistische kant van de primitieven zoals het stadje op de achtergrond, Jozef in zijn werkplaats. Je kunt zelfs zien hoe de gereedschappen er uit zagen in die tijd. De sculpturale weergave van de stof van de kleding, dat is wat je als schilder met de werkelijkheid kunt doen. In werkelijkheid valt een stof nooit in zulke plooien, hij heeft er als het ware een sculptuur van geschilderd. De overgave van de mens vind ik roerend, in de twee figuren links, waarvan ik later ontdekte dat het de schenkers zijn van het altaar aan de kerk.
Ik las Panofsky, over de betekenis van allerlei symbolen, de kaars die staat voor aards licht, de lelie als symbool voor de zuiverheid van de maagd Maria, er is zoveel in te ontdekken. Kennis is belangrijk, dan zie je meer, dan wordt de wereld rijker. Taal voegt daar nog weer wat aan toe in de rijkdom van de woordkeus. Ik hou er van om te koesteren wat je ooit goed hebt gevonden, het is goed om eraan vast te houden, jammer om dat af te doen als een jeugdzonde. Je kunt al het goede dat je in een werk zag formuleren en toch door de tijd heen weer tot andere conclusies komen. De ontwikkeling van een smaak kom je tegen in een privéverzameling. Bij musea zie je eerder dat het wordt weggefilterd. Ik heb veertien jaar als kunstenaar gewerkt, misschien verdween de noodzaak toen. Het was ook een rationele keus. Nu schrijf ik veel meer.

Per Kirkeby
Geweldig hoe hij landschappelijke elementen naast en door elkaar plaatst en met duimen en paletmes schildert.
Cy Twombly
Gedachten uit de literatuur verbeeld, op een explorerende en imploderende manier. Het idee van een mythe op het doek neergezet, vanuit een droedelachtige, zodat het beeld langzaam wordt opgebouwd.

Francis Alÿs
Alÿs loopt met ijsblokken door een warme stad, als de mythe van Sisyphus. De gedachte is: je zet je enorm in maar alles wat je doet verdampt.
Soms wordt het als kitsch gezien. Dit werk reflecteert de geschiedenis van Amerika waar geen geschiedenis was, deze moest gecreëerd worden, een identiteit moest worden opgebouwd. Deze schilders droegen daar aan bij. Omgehakte bomen, een trein, het vernietigen van de natuur, men kapte van alles weg om nieuwe mogelijkheden te creëren, het nieuwe paradijs te maken, daar waren naar hun idee de natives niet toe in staat, en zij konden dat wel. Het werk zal misschien nooit tot de wereldtop behoren maar het functioneert in een bepaalde context heel goed. Daar gaat het om, wat wil die man of vrouw vertellen. Wat kan het gaan betekenen, beoordeeld vanuit het persoonlijke perspectief.
W.G. Sebald, brengt literatuur en fotografie bij elkaar in zijn boeken. Prachtig geschreven melancholische literatuur.
De toekomst van de kunst?
De toekomst van de kunst is een andere vraag ten aanzien van auteurschap. De rol van de amateur groeit, je kunt je nu als amateur bewegen in gebieden van de kunst die voorheen gesloten waren, alles loopt meer door elkaar heen.










